Door naar inhoud

Winejoy

Wijnkennis

Stop met altijd rosé te drinken in de zon – drink dit

Door Max Wilton 6 min lezen
Stop met altijd rosé te drinken in de zon – drink dit

Rosé is prima. Maar je hebt dit nog niet geprobeerd.

Laat me beginnen met zeggen dat ik niks tegen rosé heb. Echt niet. Maar ergens in mei verschijnen ze weer massaal: de flesjes bleke roze wijn, koud, onschadelijk, op elk terras, bij elke barbecue, in elk park. En dan denk ik altijd: er zijn zoveel leukere dingen om in de zon te drinken.

rosé wijn

Dit zijn mijn favorieten. Fris, zomers, en gegarandeerd dat iemand aan tafel vraagt: “wat is dat eigenlijk?”

Laatst bijgewerkt: juni 2026

1. Albariño — en doe jezelf een plezier: proef de Spaanse én de Portugese versie

Albariño is misschien wel de meest onderschatte zomerwijn die er bestaat. Fris, licht zout, met een perzikachtige toon die je direct doet denken aan een kustplaatsje in Noord-Spanje. Hij is gemaakt voor warm weer — letterlijk, want hij groeit op granietbodem vlak aan de Atlantische Oceaan.

Maar hier wordt het interessant: in Portugal heet dezelfde druif Alvarinho, en daar fermenteren veel producers hem sur lie — hij blijft een tijdje op zijn gistdepot rusten. Het resultaat is voller, romiger, met een lichte bitterheid aan het einde die de Spaanse versie niet heeft. Twee flessen, zelfde druif, totaal ander karakter.

Als je ooit zin hebt om iets te leren zonder dat het aanvoelt als een les: koop één Rías Baixas (Spanje) en één Vinho Verde Alvarinho (Portugal, niet de gewone Vinho Verde — specifiek Alvarinho op het etiket). Zet ze naast elkaar. Dat is een van de leukste wijnproeverijen die je thuis kunt doen.

Drink bij: gegrilde garnalen, zeevruchten, een goede kaasplank, of gewoon zo in de zon.

2. Gekoeld rood — ja, echt

Dit is het advies waar mensen het eerst schuin naar kijken, en het advies dat ze daarna elk jaar blijven opvolgen.

Rode wijn heeft een imagoprobleem in de zomer. We associëren hem met zwaar, warm, tannineus — de grote Bordeaux bij een stoofpot in december. Maar dat is slechts één kant van het spectrum. Er bestaat een hele categorie lichte, fruitige rode wijnen die je gerust op 12–14°C kunt serveren, en die in de zon drinken alsof ze er speciaal voor gemaakt zijn.

De makkelijkste manier: ga naar een goede slijterij en vraag wat zij leuk vinden voor gekoeld rood. Dat gesprek levert altijd iets op. Maar voor wie een vertrekpunt wil:

  • Beaujolais — en dan niet Beaujolais Nouveau (dat is toch grotendeels hype), maar een Cru Beaujolais: Morgon, Fleurie, Brouilly. Fruitig, licht, bijna sappig.
  • Spätburgunder — Duits voor Pinot Noir. Lichter dan de Bourgondische versie, eleganter dan je verwacht, en ze zitten vaak in een mooie prijsklasse.
  • Wijnen met macération carbonique — een techniek waarbij de druiven heel fermenteren zonder geplet te worden. Het resultaat: extreem fruitig, weinig tannines, bijna snoepachtig maar in de goede zin. Veel Beaujolais wordt zo gemaakt, maar je vindt het ook bij kleine producenten uit de Languedoc of de Rhône.

Vuistregel: hoe lichter de kleur, hoe beter hij doet als gekoeld. Een paarsrode, donkere Syrah laat je op kamertemperatuur. Een licht kersrode Gamay? Die mag zo de koelkast in.

3. Vermentino — de wijn die meer mensen zouden moeten kennen

Vermentino komt uit Sardinië en de Ligurische kust, en hij smaakt als een Italiaanse zomeravond aanvoelt: warm, kruidig, een tikje bitter aan het einde, met aroma’s van limoen en witte bloesem. Niet zo scherp als Sauvignon Blanc, niet zo neutraal als Pinot Grigio — ergens daartussenin, maar met meer karakter dan beide.

De bitterheid in de afdronk klinkt misschien af, maar dat is precies wat hem zo verfrissend maakt bij warm weer. Hij reinigt je gehemelte in plaats van het te verzadigen.

Drink bij: alles van de grill, pasta met vis, antipasti. Of gewoon zo — hij heeft geen eten nodig om te overtuigen.

4. Silvaner — de stille winnaar

Als je Silvaner niet kent: dat is precies het probleem. Deze Duitse druif wordt al eeuwen overschaduwd door Riesling, en dat is jammer, want een lichte Silvaner uit Franken of de Elzas is een van de meest drinkbare witte wijnen die er bestaat.

Hij is discreet — geen uitspringende fruitbom, geen uitgesproken kruidigheid. Maar hij heeft een mineraliteit en een frisheid die je blijft terugzoeken in het glas. De wijn waarbij je na een uur bedenkt dat de fles al leeg is.

Hij is ook makkelijk te drinken voor mensen die normaal geen wijn drinken, zonder dat wijnliefhebbers hem als oninteressant wegzetten. Dat is een zeldzame combinatie.

5. Vinho Verde — maar dan de goede

Vinho Verde ken je misschien al van die flesjes in de supermarkt: licht, licht sprankelend, lekker fris, prima prijs. En dat klopt allemaal. Maar er is een wereld boven dat instapniveau die de meeste mensen nooit ontdekken.

Een Vinho Verde van één druifsoort — Loureiro, Arinto of de al genoemde Alvarinho — is een ander verhaal. Meer complexiteit, meer karakter, nog steeds fris maar met iets te zeggen. Ze kosten wat meer (reken op €10–18) maar zijn de sprong meer dan waard.

Het kleine bruisje dat Vinho Verde zo typisch maakt, is trouwens geen vergissing — het is een bewuste keuze die de wijn lichter en verfrissender maakt. Perfect voor wie rosé lekker vindt maar eens iets nieuws wil zonder te ver van zijn comfortzone te gaan.

Veelgestelde vragen

Kan ik rode wijn echt koud drinken?

Ja — als je de juiste wijn kiest. Lichte rode wijnen met weinig tannines (Beaujolais, Spätburgunder, Gamay, wijnen met macération carbonique) drinken uitstekend op 12–14°C. Zware tannineuze rode wijnen worden bij koude temperatuur harder en bitterder — die laat je op kamertemperatuur.

Wat is macération carbonique?

Een fermentatiemethode waarbij de druiven heel de tank ingaan en van binnenuit fermenteren. Het resultaat is een wijn met weinig tannines, veel fruit en een zachte, soms licht snoepachtige stijl — ideaal voor licht gekoeld drinken.

Waar vind ik Albariño en Vermentino?

Bij de meeste goede slijterijen, bij online wijnshops, en steeds vaker ook bij Albert Heijn XL en Jumbo Food Marqt. Albariño staat er vaak bij als “Rías Baixas” — dat is de regio in Noord-Spanje.

Is Vinho Verde altijd bruisend?

Bijna altijd licht bruisend (pétillant), maar niet altijd. Sommige premium Vinho Verdes, met name de Alvarinho-versies, zijn stiller. Op het etiket staat het soms vermeld, anders vraag je er gewoon naar.

Kortom

Rosé mag blijven. Maar de zomer is lang, en er is zoveel meer om te ontdekken. Een gekoelde Gamay, een Albariño van de kust, een Vinho Verde met karakter — ze doen alles wat je van een zomerwijn vraagt, en ze geven je iets om over te praten.

En dat is toch eigenlijk wat een goed glas wijn doet.

Lees ook:
Hoe lang kun je wijn bewaren na openen?
Super Tuscans: wat zijn het en waarom iedereen ze wil
Wat betekent ‘droog’ op een wijnfles?

Zin gekregen? Ontdek onze Wijn-Date-Box en proeverijen

Bekijk de shop →
Scroll naar boven